Nieuws

Onze leerlinge Juul Rolfs in De Limburger en in het Rijksmuseum

06 juli 2019

Juul exposeert in Rijksmuseum met eigen Nachtwacht-schilderij

Exposeren in het Rijksmuseum. Welke kunstenaar droomt daar niet van? Voor scholiere Juul Rolfs uit Kerkrade is het werkelijkheid.

Nachtdieren

De Kerkraadse tiener bedacht eerst een idee voordat ze aan het werk ging. „Ik vind de Nachtwacht indrukwekkend, maar wilde het niet kopiëren. Uiteindelijk besloot ik de figuren van het schilderij uit te beelden als nachtdieren. Die fascineren me.” Zo is kapitein Frans Banninck Cocq omgetoverd in een beer en zijn er ook een wolf, uilen en een hert te zien. The Nocturnal Watch (de nachtelijke kijk) was na een kleine twee maanden klaar. Zowel Juul als haar docente was tevreden over het resultaat. Eind maart was de deadline en kon de zevenkoppige wedstrijdjury zich in Amsterdam buigen over de in totaal 8390 inzendingen uit 98 landen. „Begin juni kreeg ik te horen dat ik door de selectie was gekomen en dat ik naar het Rijksmuseum mocht komen voor de finaleronde. Daar ben ik samen met mijn moeder naartoe geweest.” Bij de selectie ging het er officieel aan toe. De juryleden namen hun werk heel serieus; ze hadden zijden handschoentjes aan en bekeken alle werken omzichtig. Uiteindelijk werd het schilderij van Juul Rolfs uitgekozen en hangt het tot 15 september in de Philipsvleugel van het museum. Daar eren nog ruim vijfhonderd andere ingezonden wedstrijdwerken de grootste schilder van Nederland. Maartje Lancee is trots op haar talentvolle pupil. „Het is een meisje dat niet snel op de voorgrond treedt, maar als beginnend kunstenares voor zichzelf de uitdaging aangaat en de grenzen opzoekt.”

Bescheiden

Juul zelf blijft er bescheiden onder. Ze vindt het vooral hartstikke leuk dat er meteen na de zomervakantie een bus met haar klasgenoten en andere geïnteresseerden naar Amsterdam gaat om The Nocturnal Watch live te gaan aanschouwen. Daarna krijgt ze haar eigen werk weer terug. Wat ze er vervolgens mee doet? „Misschien dat ik het verkoop. Er hebben zich al wat mensen bij me gemeld.”

Bron: De Limburger, 6 juli 2019, Marcel de Veen (tekst), Bas Quadvlieg (foto)